De stad waar Marco woont bestaat zevenhonderdvijftig jaar. Er zal een groot feest worden gevierd en er komt een optocht met een draak. Marco mag meelopen in de staart.
Marco, die zich graag bezighoudt met het leven in vroeger tijden, ontdekt in een oud gangenstelsel onder de Sint Joriskerk een vergaderruimte van de gildebroeders.